Van vers beton tot verhard beton: Storten en verdichten

4 Juni 2019
 
wijze van plaatsing in functie van de consistentie
Wijze van plaatsing in functie van de consistentie


Betonstorten

Tabel 2.7.1 geeft de belangrijkste mogelijkheden voor het lossen en plaatsen van beton die gebruikt mogen worden, in functie van de consistentie en de bijzonderheden van de werf.
Het geleverde volume en de middelen voor het plaatsen moeten op elkaar afgestemd zijn. Het plaatsen van het beton moet tegen een constant ritme gebeuren, in horizontale lagen met een beperkte dikte (30 à 50 cm) die zo gelijkmatig mogelijk zijn. Om ontmenging te voorkomen mag de valhoogte maximaal 50 tot 70 cm bedragen (fig 2.7.2). Indien deze hoogte meer is dan 1 m, moet het beton worden gestort met een buis of een slang.
Men zal er tevens over waken dat het beton niet tegen de verticale wanden van de bekisting wordt gestort, om ontmenging te vermijden (fig 2.7.2).


Verdichten

Een zorgvuldige verdichting is van essentieel belang voor de duurzaamheid van het beton. Goed verdicht beton heeft de volgende voordelen :

  • hogere waterdichtheid
  • betere duurzaamheid
  • hogere druksterkte
  • betere hechting van het beton aan de wapening.


Verdichtingsmethodes

De keuze van de verdichtingsmethode is afhankelijk van de consistentie van het beton. De meest gebruikte en meest doeltreffende methode is trillen met behulp van trilnaalden (fig 2.7.3), bekistingstrillers of trilbalken. Dikwijls gebruikt men een combinatie van deze methodes. Trillen vermindert sterk de interne wrijving tussen de granulaten. De korrels komen dichter bij elkaar, de lucht stijgt naar het oppervlak en de holtes worden gevuld met cementpasta. Toch blijft er altijd een hoeveelheid lucht achter, de zogenaamde "ingesloten lucht", die meestal ongeveer 1,5% van het betonvolume bedraagt. Zelfverdichtend beton (zie hoofdstuk 3.2) vereisen geen verdichting. Onder invloed van de zwaartekracht verdicht dit betontype uit zichzelf.
 

Toepassingsgebied van trilnaalden met hoge frequentie :

De ervaring heeft geleerd dat een frequentie van 12 000 t/min (200 Hz) het gunstigst is voor de meest courante betonsoorten. Voor beton met een beperkte korrelgrootte moet deze frequentie worden verhoogd tot 18 000 t/min (300 Hz).

 

Regels voor een goede verdichting

  • Tril het beton in lagen met een dikte van 30 tot 50 cm.
  • De trilnaald moet snel in het beton worden ingebracht, op gelijkmatige tussenafstanden. Ze moet kort op het laagste punt worden gehouden, daarna langzaam omhoog getrokken en tenslotte weggehaald worden zodat het oppervlak vanzelf terug dichtgaat. Als het oppervlak niet dichtgaat, kan dit erop wijzen dat de consistentie van het beton te laag is, dat de binding al begonnen is, of nog dat de trilduur onvoldoende is.
  • Het beton mag niet horizontaal worden verplaatst met behulp van de trilnaald.
  • Kies de trilpunten zodanig dat de trilzones elkaar licht overlappen (tab 2.7.2).
  • Stop met trillen zodra er een fijne laag cementmelk wordt gevormd aan het oppervlak en er nog slechts sporadisch grote luchtbellen naar boven komen.
  • Wanneer het beton gestort is in opeenvolgende lagen, moet de trilnaald ongeveer 10 tot 15 cm in de onderliggende laag doordringen om een goede hechting tussen de twee lagen te garanderen (fig 2.7.4).
  • Vermijd om de bekisting en de wapeningen aan te raken met de trilnaald.
     

Praktische regel

De afstand tussen de trilpunten = 8 à 10 maal de diameter van de naald.

 

praktische waarden voor de werkzame zone en de afstand tussen de verdichtingspunten


Naverdichten (opnieuw trillen)

Door de trilnaald opnieuw in het reeds verdichte beton te brengen vooraleer de binding van het beton begonnen is, wordt de dichtheid nog verbeterd. Deze techniek is vooral geschikt voor beton met een hoge W/C-factor en met de neiging tot plastische zetting, of beton dat moeilijk te storten was. Zo kunnen holtes worden gevuld die ontstaan waren door het (na)zetten van het verse beton onder de horizontale wapeningen. Een absolute voorwaarde voor het succes van naverdichting is dit te doen op het goede moment, wanneer het beton nog verwerkbaar is. Dit is de grootste moeilijkheid. Daarom moet naverdichting worden uitgevoerd door gekwalificeerd en ervaren personeel.

 
mise en oeuvre dun beton au cufa
Fig 2.7.1 Storten van beton met de kubel

 

risque de segregation
Fig 2.7.2 Risiso op ontmenging

 

compactage du beton a laiguille vibrante
Fig 2.7.3 Verdichting van beton met een trilnaald

 

storten in lagen en tussenafstand van de verdichtingspunten
Fig 2.7.4 Storten in lagen en tussenafstand van de verdichtingspunten